Hypotheek vervroegd aflossen berekenen
Bereken de nieuwe maandlast, de rentebesparing en de maximale vergoeding bij vervroegd aflossen van een hypotheek.
Wanneer 10% van de openstaande hoofdsom vervroegd wordt afgelost en de resterende looptijd ongewijzigd blijft, daalt de maandlast met precies 10%. Bij een annuïteitenhypotheek met twintig jaar resterende looptijd en een nominale rente van 4% per jaar daalt ook het totale rentebedrag dat nog moet worden betaald met 10%. Die verhouding volgt uit de rekenmethode en geldt ongeacht de hoogte van de hoofdsom.
Een vervroegde aflossing verlaagt de hoofdsom waarover rente wordt berekend. Omdat de rente in de eerste jaren van een hypotheek het grootste deel van elke termijn uitmaakt, levert een aflossing in de beginfase de grootste rentebesparing op. Deze rekenmodule gaat uit van een annuïteitenhypotheek, de standaardberekening met een constante maandlast. Bij een lineaire hypotheek, waarin de aflossing per maand gelijk blijft en de rente daalt, verloopt de berekening anders. Voor zo'n hypotheek geeft deze rekenmodule daarom geen juist beeld.
Twee keuzes bepalen het resultaat. De eerste is of de maandlast daalt bij dezelfde looptijd, of dat de maandlast gelijk blijft terwijl de looptijd korter wordt. De tweede is het type rente. Bij een variabele rente volgt de maandlast de rentestand, terwijl bij een vaste rente de rente vastligt tot het einde van de rentevaste periode. Het type rente kan ook bepalen of er een vergoeding voor vervroegde aflossing geldt, en hoe hoog die kan zijn.
De uitkomst is een schatting. De rentebesparing is berekend vóór eventuele vergoedingen en vóór kosten voor advies of het wijzigen van de hypotheek. Ook de werkelijke voorwaarden van de geldverstrekker kunnen afwijken. Vraag de geldverstrekker om de exacte bedragen voordat een besluit wordt genomen.
Het resultaat wordt automatisch bijgewerkt.
Bedrag van de lening dat je nog aan de bank moet betalen
Aantal jaren tot het einde van het contract
Euribor-referentierente van het contract
Opslag die de bank boven op de Euribor rekent
Bedrag dat je vervroegd aan de bank wilt betalen
Bepaalt de wettelijk toegestane maximale aflosvergoeding
Nieuw maandbedrag
Geschat maandbedrag na de extra aflossing, volgens het annuïteitensysteem
- Huidig maandbedrag
- € 627,26
- Maandelijkse verlaging
- € 62,73
- Nominale rente op jaarbasis
- 4,40 %
- Totale rentebesparing
- € 5.054
- Maximale aflosvergoeding
- € 50,00
Hoe het werkt
Formule
Hoe de berekening werkt
Vervroegd aflossen van een hypotheek: het effect berekenen
Vervroegd aflossen betekent dat een deel van de openstaande hoofdsom wordt betaald voordat de hypotheek volgens de hypotheekakte volledig is afgelost. Doordat de hoofdsom daalt, wordt over een kleiner bedrag rente berekend. Het totale rentebedrag dat nog over de resterende looptijd zou worden betaald, neemt daardoor af. Afhankelijk van de afspraken met de geldverstrekker kan de maandlast omlaag gaan bij gelijkblijvende looptijd, of kan de maandlast gelijk blijven terwijl de looptijd korter wordt. Deze rekenmodule berekent het eerste geval, het verlagen van de maandlast met behoud van de looptijd.
De uitkomst is een schatting die uitgaat van een annuïteitenhypotheek met een constante rente gedurende de resterende looptijd. Om de cijfers goed te kunnen gebruiken is het nuttig de rekenmethode te begrijpen, de Nederlandse regels rond vervroegde aflossing te kennen en te weten in welke gevallen de rekenmodule niet past.
De annuïteitenmethode en de nieuwe maandlast
Een annuïteitenhypotheek heeft een gelijkblijvende maandlast gedurende de hele looptijd. De samenstelling van die maandlast verandert wel. In de eerste jaren bestaat het grootste deel van elke termijn uit rente, omdat de rente wordt berekend over een hoge openstaande hoofdsom. Naarmate de hoofdsom afneemt, groeit het aandeel aflossing en daalt het aandeel rente. Dit rekenmodel gebruikt de annuïteitenformule om de maandlast te bepalen.
Met C als openstaande hoofdsom, r als maandrente en n als aantal resterende maandtermijnen geldt voor de maandlast P:
P = C × [r × (1+r)^n] / [(1+r)^n − 1]
De maandrente r is de nominale jaarrente gedeeld door twaalf. In de rekenmodule bestaat de nominale jaarrente NR uit de Euribor-referentierente plus de opslag van de bank. Na een aflossing van bedrag A blijft het restant C − A over. De nieuwe maandlast P' wordt berekend met dezelfde formule, toegepast op dit restant en over hetzelfde aantal maanden:
P' = (C − A) × [r × (1+r)^n] / [(1+r)^n − 1]
De formule is evenredig met de hoofdsom. Daardoor daalt de maandlast in dezelfde verhouding als het restant. Wie 10% van de openstaande hoofdsom aflost en de looptijd ongewijzigd laat, betaalt dus 10% minder per maand. Dat is een rekenkundige uitkomst van de methode en geen toezegging van de geldverstrekker. De exacte nieuwe maandlast die een geldverstrekker vaststelt, kan afwijken door afronding, kosten of andere voorwaarden in het contract.
Randgevallen: afgelost bedrag, looptijd en een rente van nul
De formule geldt voor een afgelost bedrag A tussen 0 en de openstaande hoofdsom C, dus 0 ≤ A ≤ C. Bij A gelijk aan C wordt de volledige hoofdsom afgelost en is de nieuwe maandlast P' gelijk aan nul. Een bedrag boven C heeft geen betekenis, omdat het restant C − A dan negatief zou worden. Ook het aantal resterende maandtermijnen n moet groter dan nul zijn. Bij n gelijk aan nul is de noemer (1+r)^n − 1 gelijk aan nul en valt er niets meer af te lossen.
Bij een nominale rente van 0% geldt een bijzonder geval. Omdat r dan nul is, worden zowel de teller als de noemer van de formule nul, en de formule is op die manier niet uit te rekenen. De grenswaarde van de formule wanneer de rente naar nul nadert, is echter C / n: de maandlast is dan de openstaande hoofdsom gedeeld door het aantal maandtermijnen. Bij een rente van nul is de nieuwe maandlast daarom (C − A) / n, en is de rentebesparing gelijk aan nul, omdat er geen rente te besparen valt. Bij een rente van 0% geldt dus de deling C / n als rekenregel.
Hoe de rentebesparing ontstaat
De rentebesparing volgt uit het verschil tussen het totale rentebedrag zonder en met aflossing. Zonder aflossing worden over de resterende looptijd in totaal n × P termijnen betaald, waarvan de openstaande hoofdsom C het grondbedrag is. Met aflossing worden in totaal n × P' termijnen betaald, terwijl het nog terug te betalen bedrag met A is gedaald. Het verschil wordt gegeven door de formule:
Rentebesparing = (P − P') × n − A
Omdat de maandlast evenredig is met de hoofdsom, is de rentebesparing bij gelijkblijvende looptijd gelijk aan het aandeel van de hoofdsom dat wordt afgelost, vermenigvuldigd met het totale rentebedrag dat zonder aflossing zou worden betaald. Bij een looptijd van 240 maanden en een nominale rente van 4% bedraagt dat totale rentebedrag ongeveer 45% van de openstaande hoofdsom. Een aflossing van 10% van de hoofdsom levert dan een rentebesparing op van ongeveer 4,5% van de openstaande hoofdsom.
Deze verhouding is een eigenschap van het model. Ze laat zien waarom de rentebesparing sterk afhangt van de rente en de looptijd. Bij een hogere rente of een langere looptijd is het totale rentebedrag groter, en daarmee ook het potentiële voordeel van een aflossing.
Verlagen van de maandlast of verkorten van de looptijd
Een aflossing kan op twee manieren worden verwerkt. Bij verlagen blijft de looptijd gelijk en daalt de maandlast. Dat geeft meer ruimte in het maandbudget, maar de hypotheek loopt even lang door. Bij verkorten blijft de maandlast gelijk en is de lening eerder afgelost. Omdat de hoofdsom daardoor langer lager blijft, valt er over de vervallen maanden minder rente weg. In de meeste gevallen is de totale rentebesparing bij verkorten dan groter dan bij verlagen, omdat het rentebedrag over de laatste maanden wegvalt.
Deze rekenmodule toont het verlagen, omdat de nieuwe maandlast daarbij direct als uitkomst verschijnt. Wie kiest voor verkorten, moet berekenen hoeveel maanden nodig zijn om het nieuwe restant met de oude maandlast af te lossen. Die berekening valt buiten deze rekenmodule.
Vergoeding voor vervroegde aflossing in Nederland
In Nederland staan de voorwaarden voor vervroegde aflossing in de hypotheekakte en in de algemene voorwaarden van de geldverstrekker. De hypotheekakte bepaalt of en hoeveel er jaarlijks boetevrij mag worden afgelost. Wie meer aflost dan die ruimte, kan een vergoeding verschuldigd zijn. De precieze regels verschillen per contract en per geldverstrekker, dus controle van het eigen contract is onmisbaar.
De vergoeding hangt af van het type rente en van de voorwaarden in het contract. Of bij een variabele rente een vergoeding geldt, staat in die voorwaarden en wordt daarom niet door deze rekenmodule bepaald. Bij een vaste rente kan de geldverstrekker een vergoeding vragen die het renteverlies dekt. Dat renteverlies ontstaat wanneer de marktrente sinds het begin van de rentevaste periode is gedaald: de geldverstrekker ontvangt dan minder rente dan oorspronkelijk was afgesproken, omdat het geld eerder terugkomt en tegen een lagere rente opnieuw moet worden uitgezet. Een vergoeding wordt daarom in beginsel bepaald door het verschil tussen de oude en de huidige marktrente en niet door een vast percentage. Bij afloop van de rentevaste periode kunnen andere afspraken gelden, dus de voorwaarden moeten dan opnieuw worden gecontroleerd.
De Europese hypotheekrichtlijn 2014/17/EU bepaalt dat een vergoeding voor vervroegde aflossing niet hoger mag zijn dan het financiële verlies van de geldverstrekker. De regels zijn in de Nederlandse wetgeving opgenomen in de Wet op het financieel toezicht. Het gedrag van geldverstrekkers en de informatie aan consumenten valt onder toezicht van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). De financiële stabiliteit van instellingen wordt gecontroleerd door De Nederlandsche Bank.
Wat deze rekenmodule niet meeneemt
De rekenmodule houdt geen rekening met de volgende posten:
- De vergoeding voor vervroegde aflossing. Die kan de netto besparing verkleinen of teniet doen, omdat de getoonde rentebesparing vóór eventuele vergoedingen is berekend.
- De boetevrije aflossingsruimte die in het contract is opgenomen.
- Het verschil tussen een annuïteitenhypotheek en een lineaire hypotheek, waarbij de maandlast niet constant is en een andere berekening nodig is.
- Het jaarlijks kostenpercentage (JKP). Dat percentage bevat meer kosten dan alleen rente en is daardoor niet gelijk aan de nominale rente die hier wordt gebruikt.
- Kosten voor notaris, taxatie, advies of het wijzigen van de hypotheek.
- De fiscale hypotheekrenteaftrek, die de netto rentelast voor eigenwoningbezitters verlaagt.
Veelgemaakte fouten
Bij het gebruik van de uitkomst gaan lezers vaak op een paar punten de mist in:
- De nominale rente wordt verward met het jaarlijks kostenpercentage. Het JKP is een totaalmaat die meer kosten meeneemt, terwijl de rekenmodule alleen de nominale rente gebruikt.
- De rentebesparing wordt als netto besparing gezien, terwijl een eventuele vergoeding nog moet worden afgetrokken.
- Een lineaire hypotheek wordt behandeld als annuïteitenhypotheek, wat tot een afwijkende nieuwe maandlast leidt.
- Een lagere maandlast wordt alleen als voordeel gezien. Bij verlagen met behoud van de looptijd dalen de totale rentekosten minder snel dan bij verkorten.
- De rentevaste periode wordt niet meegenomen. Bij een vaste rente hangt de vergoeding af van de resterende rentevaste periode en van de marktrente op het moment van aflossen.
Wanneer loont vervroegd aflossen?
Of vervroegd aflossen voordelig is, hangt af van de verhouding tussen de rente op de hypotheek en het rendement van een alternatief. Als de rente op de hypotheek hoger is dan wat een veilige spaarvorm oplevert, is aflossen doorgaans voordeliger dan sparen. Bij beleggen speelt het risico een rol: een aflossing is zeker, een beleggingsrendement is dat niet. Voor eigenwoningbezitters kan de fiscale aftrek van hypotheekrente de vergelijking veranderen. De regels daarvoor bepaalt de Belastingdienst, en het effect hangt af van de persoonlijke situatie. Deze rekenmodule houdt daar geen rekening mee.
De fase van de hypotheek is het tweede punt. In de beginjaren levert aflossen de grootste rentebesparing op, omdat daar het grootste deel van de maandlast uit rente bestaat. Later in de looptijd is het effect kleiner, omdat de maandlast vooral uit aflossing bestaat.
Een vervroegde aflossing kan worden overwogen wanneer er ruimte ontstaat, bijvoorbeeld na een erfenis of een uitkering. Een financiële buffer voor onverwachte kosten blijft in de meeste gevallen nuttig, zodat een aflossing niet ten koste gaat van de liquiditeit. Een vergelijking van de vergoeding met de verwachte rentebesparing helpt bij de beslissing.
Wanneer een adviseur helpen
Een onafhankelijke hypotheekadviseur kan de vergoeding en de rentebesparing vergelijken met de exacte voorwaarden van het contract. Dat is zinvol als de hypotheek bijzondere clausules heeft, als het om een groot bedrag gaat, of als de keuze tussen aflossen en sparen of beleggen niet vanzelf duidelijk is. De rekenmodule vervangt het advies niet.
Samenvatting
Vervroegd aflossen verlaagt de hoofdsom waarover rente wordt berekend. Bij de annuïteitenmethode daalt de maandlast in dezelfde verhouding als de hoofdsom, en de rentebesparing hangt af van de rente, de resterende looptijd en het afgeloste bedrag. De werkelijke uitkomst hangt af van de vergoedingen en voorwaarden in het contract. Gebruik de rekenmodule om het effect te verkennen en controleer de exacte bedragen bij de geldverstrekker.
Veelgestelde vragen
Wat is vervroegd aflossen van een hypotheek?
Vervroegd aflossen betekent dat een deel of de volledige openstaande hoofdsom wordt betaald voordat de looptijd uit de hypotheekakte is afgelopen. Doordat de hoofdsom daalt, wordt over een kleiner bedrag rente berekend. De lening wordt daardoor goedkoper. Daarna kan men kiezen om de maandlast te verlagen of de looptijd te verkorten. Let op dat een aflossing boven de boetevrije grens van het contract een vergoeding kan opleveren.
Welke vergoeding mag de geldverstrekker vragen bij vervroegde aflossing?
De vergoeding hangt af van het type rente en van de voorwaarden in het contract. Bij een vaste rente kan de geldverstrekker een vergoeding vragen die het renteverlies dekt. De Europese hypotheekrichtlijn 2014/17/EU bepaalt dat die vergoeding niet hoger mag zijn dan het financiële verlies van de geldverstrekker. Of en hoeveel er jaarlijks boetevrij mag worden afgelost, staat in de hypotheekakte. Vraag de geldverstrekker om de berekening van een eventuele vergoeding toe te lichten.
Is het beter de maandlast te verlagen of de looptijd te verkorten na een vervroegde aflossing?
Dat hangt af van het doel. Bij verkorten van de looptijd met gelijkblijvende maandlast daalt de openstaande hoofdsom sneller, en de totale rentebesparing is doorgaans groter, omdat de lening eerder is afgelost. Bij verlagen van de maandlast blijft de looptijd gelijk, zodat er meer ruimte in het maandbudget komt. Wie vooral ruimte in de maandelijkse kosten wil, kiest voor verlagen. Wie de totale rentekosten wil drukken, kiest meestal voor verkorten. Welke optie past, hangt af van het inkomen en de financiële buffer.
In welke fase van de hypotheek is vervroegd aflossen het voordeligst?
Vervroegd aflossen levert in de beginjaren van een annuïteitenhypotheek het meeste op, omdat het grootste deel van de maandlast dan uit rente bestaat. Een aflossing in het eerste deel van de looptijd verkleint de hoofdsom waarover het langst rente zou worden berekend. Naarmate de looptijd vordert, bestaat een groter deel van de maandlast uit aflossing en daalt het effect op de totale rente. Bij een looptijd van dertig jaar is de rentecomponent in de eerste jaren dus veel groter dan in de laatste jaren.
Hoe wordt de nieuwe maandlast berekend na een gedeeltelijke vervroegde aflossing?
De nieuwe maandlast wordt berekend met dezelfde annuïteitenformule als de oude, maar toegepast op het restant C − A en over hetzelfde aantal maanden: P' = (C − A) × [r × (1+r)^n] / [(1+r)^n − 1]. Hierbij is r de maandrente en n het aantal resterende maandtermijnen. De rentebesparing is gelijk aan (P − P') × n − A, dus het verschil in totale termijnen minus het afgeloste bedrag A.
Wanneer is het zinvol een onafhankelijke hypotheekadviseur te raadplegen voor vervroegd aflossen?
Een onafhankelijke hypotheekadviseur is zinvol wanneer de hypotheekakte specifieke voorwaarden bevat over vervroegde aflossing, wanneer de vergelijking met sparen of beleggen de beslissing bepaalt, of wanneer het gaat om een groot bedrag. Een adviseur kan de vergoeding vergelijken met de verwachte rentebesparing en controleren welke voorwaarden in het contract gelden. Controleer vooraf of de adviseur onafhankelijk werkt en welke vergoeding hij of zij hanteert.
Gerelateerde calculators
Hypotheek maandlasten berekenen (annuïteit)
Bereken de maandlast van een annuïteitenhypotheek. Vul het bedrag, de looptijd, de Euribor en de opslag in en zie de rente en het totaal.
Vaste of variabele rente vergelijken bij een hypotheek
Vergelijk de maandlast en het totale rentebedrag van een vaste en een variabele hypotheekrente, met de actuele Euribor als uitgangspunt.
JKP berekenen voor een hypotheek: opslag en rente
Berekent de nominale rente (Euribor plus opslag) en de JKP van een hypotheek, inclusief afsluitkosten en verzekeringen.
Door RivoCalc · Gecontroleerd volgens onze redactionele methodologie · Bijgewerkt op 10 juli 2026
Deze rekenmodule geeft een schatting voor informatieve doeleinden en vormt geen financieel advies. De werkelijke bedragen hangen af van de voorwaarden van de geldverstrekker en van de persoonlijke situatie. Raadpleeg voor een besluit een onafhankelijke hypotheekadviseur of de geldverstrekker.
